Geschiedenis spoorwegen
in en om
Roosendaal

 
Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, door middel van kopie, op digitale of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van auteur en/of webmaster.
 

Het Zeebad 'De Duintjes'

 
 
30-08-2018          7164       Gezicht op het al tientallen jaren beboste gebied, waar in vroegere jaren aan de waterkant (nu ook begroeid) het Zeebad 'De Duintjes' lag (rechts in beeld). We kijken vanuit het noorden in de richting van Antwerpen.
 
‘The roaring twenties’
Al in ‘the roaring twenties’ wisten dagjestoeristen uit West-Brabant en de Noorderkempen op warme zomerdagen en bij hoogtij zich te vermaken in de toen nog ongerepte en vrijgevochten duintjes aan de rand van de Oosterschelde bij Woensdrecht. Kinderen spartelden naar hartenlust in het water dat zo helder was als glas of speelden in het warme zand van de door de wind opgeworpen zandduinen. Hun ouders snoven de heerlijke verfrissende zeelucht, hielden zich bezig met pootjebaden of genoten van het uitzicht op het water. ‘De Duintjes’, zoals het gebied toen al in de volksmond heette, waren als het ware een oase in een woestijn en dat alles juist nadat je de spoorwegovergang bij km 17,182 van de Zeeuwse lijn was gepasseerd. Rond 1930 begon het dagjestoerisme serieuze vormen aan te nemen.
 
Een werkverschaffingsproject in 1932
Inmiddels was de economische crisis een feit. Ook de gemeente Woensdrecht werd geconfronteerd met steeds meer arbeiders die dagelijks kwamen stempelen om een schamele uitkering in de wacht te slepen voor het dagelijks onderhoud van hun vaak kroostrijke gezinnen. Maar elk jaar verergerde voor velen van hen de situatie. Zoals in vele andere gemeenten werd ook in Woensdrecht een commissie tot ‘werkverschaffing’ gevormd. Met werk in de eigen gemeente kon dan een deel van de werkzoekenden aan werk worden geholpen. Het mes sneed aan twee kanten, enerzijds kreeg de ‘steuntrekker’ meer geld in handen en anderzijds ontving de gemeente een hogere tegemoetkoming uit de Rijkskas voor het doen van ‘nuttige werkzaamheden’. Een van de projecten was de aanleg van een recreatieterrein met zwembad en café-restaurant in ‘De Duintjes’, het schorren-, zand- en duingebied aan de Oosterschelde.
 
 
De ligging van het Zeebad 'De Duintjes'
Een topografische kaart uit de jaren dertig toont de ligging van het Zeebad 'De Duintjes', een in de slikken uitgegraven bassin dat bij vloed vol liep met vers Oosterscheldewater en dat bij eb werd vastgehouden door middel van een sluis.
 
 
De N.V. Zeebad ‘De Duintjes’
Voor de exploitatie van het toekomstige Zeebad ‘De Duintjes’ had de gemeente de in Bergen op Zoom wonende en werkende Antonius (Toon) Leonardus Cornelis Goderie op het oog. Hij was oorspronkelijk afkomstig uit Roosendaal als zoon van hotelhouder Goderie aan het Stationsplein. Toon richtte de in Bergen op Zoom gevestigde N.V. Zeebad ‘De Duintjes’ op.
Op zaterdagmiddag 8 juli 1933, om ongeveer 16.00 uur, vond de officiële opening van het Zeebad ‘De Duintjes’ plaats. Dit gebeurde onder overweldigende belangstelling en werd begunstigd door mooi zonnig weer. Advertentie in De Grondwet van 6 juli 1933.
 
 
De accommodatie van het Zeebad ‘De Duintjes’
In het seizoen van 1933 had het zwembad een oppervlakte van 15.000 m2 (260 m lang en 60 m breed) en een grootste diepte van 1,50 meter. Een jaar later was dit verbreed tot zo’n 140 meter. Daarnaast was er nog een speciaal kinderbassin met een diepte van 50 cm en ter grootte van 7500 m2 aangelegd. Globaal waren de afmetingen van het strand 300 x 40 meter. De wandelweg had een lengte van 300 meter en een breedte van 10 meter. Het langs deze wandelweg in hout gebouwde café-restaurant was 17 bij 9 meter groot (foto boven) en had plaats voor circa 100 recreanten. Op de terrassen konden 450 mensen plaats nemen. Voor dames stond er aan de noordzijde en voor heren aan de zuidzijde van het water, dus elk apart, een houten kleedgelegenheid. Verder waren er nog twee consumptie-tenten voor de verkoop van frisdrank.
 
 
Een stopplaats voor de trein
Op zondag 23 juli 1933 liet een stoptrein uit Roosendaal voor het eerst reizigers uit bij het Zeebad 'De Duintjes'. De trein was al om 07.46 uur uit Roosendaal vertrokken. De laatste van de zes treinen zou op zondag om 19.10 uur vertrekken. Volgens een advertentie in een krant op 21 september 1933 zou de feestelijke ontvangst van een 'motorwagen' om twee uur de officiële opening betekenen van de treindienst naar en van De Duintjes.
 
 
De dienstregeling
In de richting Roosendaal - Vlissingen stopten er op zondagen zes treinen en op werkdagen drie. In omgekeerde richting waren er dat op zondagen maar liefst negen treinen, weliswaar (op een enkeling na) pas na de middag en in de avonduren. Advertentie in De Grondwet van 22 juli 1933.
 
 
Een locomotief NS 6000 aan de stopplaats De Duintjes
Of er op de openingsdag ook werkelijk een motorwagen heeft gereden, lijkt erg twijfelachtig aangezien er in het Algemeen Handelsblad van 25 juli 1933 een foto stond van een feestelijk versierde stoomtrein uit Roosendaal met een locomotief serie NS 6000, omstuwd door een massa mensen op het perron van het Zeebad 'De Duintjes'.
 
 
Een locomotief NS 7100 aan de stopplaats De Duintjes
Slechts een enkele foto is bekend van een trein uit Roosendaal, die bij het Zeebad 'De Duintjes' is gestopt. De fotograaf staat op de oprit naar de overweg en kijkt in de richting Bergen op Zoom. De trein wordt getrokken door een locomotief serie NS 7100 (met tender vóór).
 
 
De tarieven
Het recreatiepark op Zeebad 'De Duintjes' was gratis toegankelijk en bood speelgelegenheid met schommels, ringen, klimtouwen, glijbanen en turntoestellen. Slechts voor het gebruik van kano’s, kleedgelegenheden (met douches), badkleding of zwemgordels moest je betalen. Advertentie in De Grondwet van 21 juli 1933.

Het affiche
Een speciaal reclame-affiche moest de mensen in grote drommen al of niet per trein naar het Zeebad 'De Duintjes' lokken. De plaat doet je onwillekeurig denken aan een Brabantse Rivièra. Vanuit Bergen op Zoom, Roosendaal, Oudenbosch, Zevenbergen en Breda kon je per trein tegen speciale, verlaagde prijzen reizen.
 
 
Een concert in 'De Duintjes'
In de zomer van 1933 werden nagenoeg elke zondag extra festiviteiten georganiseerd, teneinde het Zeebad 'De Duintjes' tot een succes te maken. Dat blijkt uit diverse advertenties in de kranten, waarin concerten, muziekuitvoeringen, vlieger- en ballonwedstrijden, zelfs ook vliegdemonstraties en vuurwerk, werden aangekondigd. Advertentie in De Grondwet van 28 juli 1933.
 
 
Vlieger- en ballonwedstrijden in 'De Duintjes'
Opvallend is dat aan de dienstregeling, zowel op zondag als op werkdagen een extra trein om 16.07 uur uit Roosendaal is toegevoegd. De maand augustus was dan ook de vakantiemaand bij uitstek voor de schoolgaande jeugd en gaf ze de mogelijkheid nog wat vertier in de late middag- en vroege avonduren te zoeken. Advertentie in De Grondwet van 5 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
In 1933 werden talrijke kiekjes gemaakt van het bad- en strandleven in het Zeebad 'De Duintjes'. Links is het café-restaurant met terras te zien en rechts poseren enkele dames voor de kleedgelegenheid die boven het water van het zwembad aan de noordzijde was gebouwd.
 
 
De roep van geheel Brabant in 'De Duintjes'
Zelfs op een kerkelijke zon- en feestdag als Maria Hemelvaart probeerde exploitant Antonius Goderie het publiek te verleiden naar zijn attractie te komen. Advertenties in De Grondwet van 14 en 16 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
In het midden is het café-restaurant met terras te zien en rechts staat een van de twee consumptietenten voor de verkoop van frisdrank.
 
 
Een concert in 'De Duintjes'
Zelfs de Roosendaalse harmonie 'Vlijt en Volharding', als sympathisant van exploitant Antonius Goderie, mocht op een zondagmiddag een concert geven in het Zeebad 'De Duintjes'. Advertentie in De Grondwet van 18 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
Het was bij mooi en zonnig weer goed toeven op het terras van het café-restaurant. De exploitant had niet bespaard op comfortabele stoelen en tafels.
 
 
Het bad- en strandleven
Wat verder van het café-restaurant af en buiten de drukte van het Zeebad 'De Duintjes' hield zich wat oudere jeugd op met muziek spelen, praten, roken en zonnen. Een groepje, bekend als 'De Smakkers', had er ook een houten huisje laten maken.
 
 
Het bad- en strandleven
Lang niet alle jonge dames gaven zich in 1933 al bloot aan de zon en het water. Rechts is het café-restaurant met terras te zien.
 
 
Het bad- en strandleven
In badpak zag je er als jonge meid in 1933 niet bepaald fraai uit. Maar plezier hadden 'de vier schonen' wel.
 
 
Het bad- en strandleven
In het water en op het strand moesten dames en heren gescheiden blijven, althans volgens de regels. Dat gebeurde lang niet altijd.
 
 
Een grote vliegdemonstratie op Koninginnedag in 'De Duintjes'
Als klap op de vuurpijl werden in 1933 drie Duitse vliegeniers uitgenodigd om hun prestaties in de lucht te tonen.
Advertentie in De Grondwet van 28 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
In badpak zag je er als jonge meid in 1933 niet bepaald fraai uit. Maar plezier hadden 'de vier schonen' wel.
 
 
Een grote vliegdemonstratie op Koninginnedag in 'De Duintjes'
Als klap op de vuurpijl werden in 1933 drie Duitse vliegeniers uitgenodigd om hun prestaties in de lucht te tonen.
Advertentie in De Grondwet van 30 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
Rechts staat de kleedgelegenheid voor dames aan de noordzijde van het Zeebad 'De Duintjes'. Het gebouw stond deels boven het water op houten palen.
 
 
Een grote vliegdemonstratie op Koninginnedag in 'De Duintjes'
Toch nog een probleem op Koninginnedag. Maar wat er nu precies aan de hand was, kom je niet te weten.
Advertentie in De Grondwet van 31 augustus 1933.
 
 
Het bad- en strandleven
Dat het in het Zeebad 'De Duintjes' goed druk kon zijn bij mooi weer en speciale activiteiten, bewijst deze plaat.
 
 
De sluiting van het seizoen
Desondanks bleef Toon Goderie afhankelijk van het weer en het seizoen. Half september 1933 droogde de toeristenstroom plotseling op. Advertentie in De Grondwet van 14 september 1933.
 
Nawoord
Uiteraard is er over het Zeebad 'De Duintjes' veel meer te vertellen. Dit gebeurt dan ook in een artikel dat gepubliceerd zal worden in een tijdschrift op historisch gebied in West-Brabant. Het Zeebad 'De Duintjes' zou ruim elf jaar bestaan. De Slag om de Kreekrakdam bij Woensdrecht maakte er echter in het najaar van 1944 een einde aan. Pas in de jaren zestig kwamen er weer dagjesmensen bij mooi weer zonnen en baden in de slikken en schorren, maar dat stond in geen enkele verhouding tot vroeger.
 
 

Nog enkele plaatjes naar het zuidwesten

 
 
30-08-2018          7167       Landschap in De Duintjes, gezien in richting Bergen op Zoom, Woensdrecht.
 
 
30-08-2018          7166       Landschap in De Duintjes, gezien in richting Bergen op Zoom, Woensdrecht.
 
 
30-08-2018          7165       Gezicht vanaf De Duintjes in richting Woensdrecht, Woensdrecht.
 
 
30-08-2018          7168       NS, 8657, trein IC 2269 (Vlissingen - Amsterdam), gezien vanaf De Duintjes in richting Woensdrecht. De trein rijdt zijn laatste honderden meters op de in 1868 voor de reguliere treindienst in gebruik genomen Kreekrakdam. De dam betekende een definitieve scheiding tusssen Ooster- en Westerschelde, Woensdrecht (± 17.10 u.).
 
 

Nog enkele plaatjes naar het noordoosten, in het bijzonder de Beukendreef

 
 
Een foto, waarschijnlijk gemaakt in de jaren 1930-1940, vanaf de oprit van de overweg naar De Duintjes in oostelijke richting laat de streek in de oogsttijd zien. Deze plaat is afkomstig van de familie Van Loon, die destijds in het tweede boerderijtje van rechts woonde. Ten oosten van de spoorweg Roosendaal - Vlissingen lag De Brabantse Wal met kleinschalige landbouwgronden, boerderijen en arbeiderswoningen. Vanaf de overweg keek je in noordoostelijke richting uit op de kleine buurtschap Hoekslaag aan de Beukendreef en Vossenweg. (Met dank aan familie Van Loon en Willem Kruf)
 
In het eerste huis links woonde in de jaren zestig, begin zeventig 'Vrouwke Verhoeven'. Zij verkocht frisdranken, chips en ijs. Ook kon je daar binnen zitten en dat was uitkomst, wanneer er plotsklaps een onweersbui kwam. Wel was het er dan bomvol, want de kamer was maar vier bij vier meter groot. Maar haar prijzen waren billijker dan die van uitbater Soeters op het terrein van De Duintjes zelf. 
 
 
Ingetekend is de beeldhoek van de vorige foto op een topografische kaart uit de jaren rond 1950. Ook de op die plaat zichtbare huizen en boerderijen zijn aangeduid. De boerderij van de familie Van Loon is de middelste van de drie langs de Beukendreef.
 
Verder is het vroegere terrein van en het eigenlijke Zeebad De Duintjes ingetekend. Schuin onder het woord 'Hoekslaag' stond vroeger wachterswoning 15 (km 16,838 Roosendaal - Vlissingen), gebouwd in 1868 op een terp langs de spoorweg. De woning werd echter al in 1929 afgebroken, maar de terp is nog altijd aanwezig. Meer hierover volgt nog hieronder.
 
 
Een foto, gemaakt in de jaren zestig vanuit de lucht, geeft de situatie in de buurtschap goed aan. Hierop is met een zwarte punt de plaats van de fotograaf van de vorige plaat aangestipt. Met witte pijlen zijn de huizen en boerderijen aangegeven die op de vorige plaat zijn te onderscheiden. Andere gebouwen gingen op die plaat schuil achter het huis nabij de overweg.
 
Tekenend voor de tijd is, dat de meeste boerderijtjes uit de jaren dertig een kwart eeuw later al waren uitgegroeid tot flinke bedrijven. De familie Van Loon woonde in het eerste boerderijtje achter de hoogspaningsmast, maar moest in de jaren zeventig plaatsmaken voor de Leidingenstraat Rotterdam - Antwerpen. Alle andere gebouwen die met een pijl zijn aangeduid, bestaan echter nog steeds, maar wel sterk verbouwd of uitgebreid.
 
 
Kijken we naar het westen op diezelfde foto vanuit de lucht, dan zien we een deel van De Duintjes in de jaren zestig. Nog steeds kwamen er op zondagen volop recreanten. Zelfs was er toen een 'skelterbaantje' aangelegd.
 
 
Anno 2020 is de buurtschap en de Leidingenstraat op een foto van Google Earth goed te onderscheiden. Ingetekend is de beeldhoek op de foto uit de jaren 1930-1940. De boerderij van de familie Van Loon stond rechts naast de hoogspanningsmast..
 
 

Nog enkele plaatjes naar het noordwesten, in het bijzonder wachterswoning 15

 
 
Schuin onder het woord 'Hoekslaag' stond vroeger wachterswoning 15 (km 16,838 Roosendaal - Vlissingen), gebouwd in 1868 op een terp langs de spoorweg. De woning werd echter al in 1929 afgebroken, maar de terp is nog altijd aanwezig. De zwarte pijl wijst naar de plek van de woning, midden in een door Jan en Alleman verlaten gebied. Topografische kaart uit circa 1910.
 
Goed is te zien, hoe de wachterswoning is gesitueerd ten opzichte van de spoorwegovergangen in de weg naar Hoeve Hildernisse en die in de weg naar De Duintjes: precies in het midden. Tegen de tijd dat er een trein zou gaan passeren, kreeg de wachter of wachteres een belsignaal via het kloksein, dat buiten naast het huis stond. Hij of zij had dan nog voldoende tijd om de sluitbomen neer te laten of dicht te schuiven. Uiteraard kende hij of zij ook de dienstregeling op zijn of haar duimpje. Op sommige uren van de dag liet hij of zij de sluitbomen ook gewoon een tijdje gesloten, tot het weer langer veilig was om deze te openen.
 

Na 1920 leunden de spoorwegmaatschappijen steeds meer op bijdragen uit ‘s Rijks schatkist. Ter bezuiniging op deze uitgaven werd op 6 mei 1922 een wet uitgevaardigd, volgens welke de bewaking van overwegen na toestemming van de minister kon worden opgeheven. Binnen twee jaar was toen de helft van alle overwegen in Nederland onbewaakt. Menig personeelslid werd op wachtgeld gestuurd of kwam als invalide in het pensioenfonds te zitten. Voor de wachteressen was het meteen einde verhaal. Indien een wachterswoning niet meer nodig was als onderkomen voor een andere spoorwegman, volgde vrij snel afbraak. En dat was ook het geval in 1929 met de zeer afgelegen wachterswoning 15 bij De Duintjes.

 
 
Via Google Earth is ongeveer hetzelfde gebied als op de kaart hierboven in beeld gebracht. In het noorden ligt de Hoeve Hildernsse en onderaan de spoorwegovergang bij de De Duintjes. Duidelijk is te zien dat het water zich een heel eind heeft teruggetrokken. Goed is ook de loop van De Blaffert te onderscheiden, zowel op de kaart als op de foto. De terp waarop wachterswoning 15 stond, wordt aangeduid met het witte pijltje.
 
 
Een detail van de foto op Google Earth laat de terp goed zien. Wachterswoning 15 had, zoals alle wachterswoningen tussen Bergen op Zoom en Goes, de afmetingen 9,75 x 5,05 meter. In wit is de woning op schaal ingetekend.
 
 
Hoe zagen die wachterswoningen er nu eigenlijk uit? Een drietal voorbeelden geven inzicht. Het baanvak Bergen op Zoom - Goes werd in de jaren 1863-1868 in een aantal bestekken aangelegd. Het bestek 312 'Aanleg Staatsspoorwegen' omvatte ook de bouw van alle woningen langs dit baanvak.
Oorspronkelijk was het dak wat platter dan na 1908. Vanwege het toenemende aantal kinderen bij veel wachters (door betere kraamzorg en medische hulp) werd toen op de zolder meer slaapruimte gemaakt. Dat kon alleen als het dak werd opgetrokken, zoals op de meeste foto's ook is te zien.
Wachterswoning 13
(waarnaar later het naastgelegen exercitieveld 'Plein 13' werd genoemd) lag goed beschut in de ingraving van de spoorweg bij Bergen op Zoom. Vandaar dat deze nooit is bepleisterd tegen het doorslaan van regen. Links staan het seinhuis B en de nog steeds bestaande watertoren. Opzij van de wachterswoning is de wachtpost te zien. Deze diende als verblijf voor de invalkracht, ook bekend als 'loopwachter'. Zij werden aangesteld, toen na de Spoorwegstakingen in 1903 de arbeidstijden werden verkort, en één wachter of wachteres per overweg niet meer mocht. Ansichtkaart uit circa 1920, collectie Marius Broos, Roosendaal.
 
 
Inmiddels zijn nagenoeg alle woningen langs het baanvak Bergen op Zoom - Goes gesloopt. Slechts een enkeling is nog aanwezig, maar dan wel sterk verbouwd en uitgebreid. Bij de watersnoodramp van 1953 waren er nog enkele tussen Kruiningen-Yerseke en Oostdijk in bijna oorspronkelijke staat aanwezig. Bij de meeste woningen waren vrij snel na de bouw de muren aan de west-, zuid- en noordzijde bepleisterd tegen het doorslaan van regen, maar niet aan de oostzijde, zoals wachterswoning 30 ten oosten van Kruiningen laat zien. De foto is genomen vanuit het oosten in de richting van het station Kruiningen-Yerseke.
Foto NS, mei 1953, collectie Het Utrechts Archief, Utrecht.

 
 
Wachterswoning 31 was wat meer verbouwd. Te zien is een uitbouw voor het privaat en een portaal, alsmede een andere raamindeling aan de oostzijde. Dat is in 1908 gebeurd volgens het bestek 1120 van de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen.
 
Ook wachterswoning 15 was betrokken in het bestek 1120, maar bij gebrek aan foto's is niet na te gaan, hoe er die dan uitzag na 1908 tot aan de afbraak in 1929. Foto W.P.F.M. van Schaijk (NS), 24 februari 1953, collectie Het Utrechts Archief, Utrecht.
 
 

De bewoners van wachterswoning 15

 
wachterswoning 15     1868-1878
Adriana Verhulst, * 26-02-1848 te Roosendaal, + 12-03-1900 Woensdrecht
gehuwd op 05-05-1867 te Roosendaal met Cornelis Dekkers, wegwerker, negen kinderen
per 02-08-1868 uit Roosendaal in Woensdrecht
per 07-11-1878 van Woensdrecht naar Wouw

Beloning:
01-07-1868        01-11-1878        wachteres ww 15    fl. 0,25 per dag
 
In vroeger dagen was ook de vrouw van de overwegwachter in dienst van de spoorwegmaatschappij, zij het tegen een lage vergoeding van 25 cent per dag. Zodra het kloksein een trein aankondigde bediende zij de sluitbomen van de overweg. Vóór en na het passeren van een trein mocht de wachteres haar huishoudelijk werk doen, maar een dikwijls kinderrijk gezin maakte haar taak er zeker niet gemakkelijker op.
Haar man was overdag meestal betrokken bij het onderhoud aan de baan. Onder leiding van een ploegbaas zorgde een groep van vier tot vijf wegwerkers voor het lichten, richten en schiften van de baan, het vervangen van rails en dwarsliggers, het bestraten van overwegen, het knippen van heggen langs de lijn of het uitvoeren van klein onderhoud aan de gebouwen. Zodra de man aan het eind van de middag thuis kwam, nam hij het werk van zijn vrouw over en draaide dan de rest van de dienst tot middernacht. Tussendoor scharrelde hij nog wat rond op zijn eigen erf of in de moestuin.
Zowel man als vrouw waren dus elke dag van de week van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat aan de slag voor een veilig verkeer over ‘het spoor’ en over de weg. Over het algemeen waren in de nachtelijke uren de sluitbomen van de overweg naar beneden. Alleen als iemand het nodig vond om de overwegwachter(es) uit bed te rammelen, moest hij deze opendoen.
 
Ondanks het feit dat een woning over het algemeen zeer stevig was gebouwd, deed een trein het gebouw somtijds op zijn grondvesten trillen of schudden. Iedereen in huis schudde dan mee. Vermakelijk is in dit opzicht het verhaal over een wachteres in de Achterhoek, die zeventien kinderen op de wereld heeft gezet:  ‘En zeventien keer was moeder zwanger. De ene was er nog niet uit of de andere zat er alweer in. Als er een trein langs kwam, dan was het al weer zover. Vader hoefde er ook geen moeite meer voor te doen, omdat hij toch al in bed lag te schudden. Hij hoefde alleen maar te gaan liggen.....’
 
wachterswoning 15     1878-1897
Maria Verbraak, * 30-05-1832 Wouw,
gehuwd op 07-03-1857, weduwe per 01-03-1871
gehuwd op 08-04-1872 te Woensdrecht, met Antonius de Beer, wegwerker, later ploegbaas
per 18-10-1897 van Woensdrecht naar Bergen op Zoom
Beloning:
01-08-1878        01-09-1897        wachteres ww 15    fl. 0,25 per dag
Eervol niet op verzoek ontslagen onder toekenning van pensioen wegens leeftijd
 
Vóór 1900 moest een wachtersgezin elke dag dienst doen, dus ook op zondag. Slechts één zondagochtend om de veertien dagen kreeg men vrijaf om naar de kerk te gaan. Het loon van een overwegwachter bedroeg rond 1890 een gulden per dag (en dat van zijn vrouw 25 cent per dag).
Na aftrek van tien cent per dag voor de huur van de dienstwoning en vier cent per dag voor het pensioen- en ondersteuningsfonds, in het geval van ziekte of een ongeval hield het wachtersgezin fl. 0,86 per dag schoon in het handje over om van te leven. Meestal kon een overwegwachter wel een stukje moestuin aanleggen op grond van ‘het spoor’ nabij de woning of de post.
Geen wonder dat de meeste mannen werk hadden als wegwerker of zelfs ploegbaas, dat veel beter betaalde. Zij lieten het werk aan de overweg over aan hun vrouw, behalve dan de avonduren.
 
wachterswoning 15     1897-1924
Catharina Bogers, * 15-12-1865 Ossendrecht
gehuwd op 23-04-1888 te Woensdrecht, met Philippus Jacobus van der Velde, wegwerker, acht kinderen, geboren in 1890-1902,
tot 1921 verlaten er vijf het ouderlijk huis (1911, 1914, 1916, 1918 en 1921).
01-09-1897        28-06-1924        wachteres ww 15
Beloning:
01-09-1897        01-07-1910        fl. 0,25 per dag
04-05-1907 eervolle vermelding wegens betoonde eerlijkheid op 24-03-1907
01-07-1910        01-04-1919        fl. 0,35 per dag
01-04-1919        01-01-1921        fl. 1,00 per dag
01-01-1921        01-01-1924        fl. 624,-- per jaar
01-01-1924        28-06-1924        fl. 567,84 per jaar

Eervol niet op verzoek ontslagen onder toekenning van pensioen wegens invaliditeit
 
Midden in de Eerste Wereldoorlog stegen de prijzen voor het levensonderhoud sterk. Pas aan het einde van de oorlog moesten alle werkgevers over de brug komen met flinke loonsverhogingen. Dat was echter al gauw niet meer op te brengen, zeker in het licht van het sterk achterblijvende vervoer in concurrentie met dat over de weg en het water. Het eerste dat toen moest sneuvelen was de bewaking van overwegen met weinig passanten. Of wachterswoning 15 nog tot de afbraak in 1929 werd bewoond, is niet bekend.
 
 
Een voorbeeld van een overweg aan de 'Zeeuwse Lijn'. De overweg wordt bewaakt door een nog jonge wachteres met de hand aan de schuifsluitboom. Aan de andere zijde van de overweg staat een wachtpost voor de invalkracht, c.q. loopwachter. Deze is precies hetzelfde als die bij wachterswoning 13 in Bergen op Zoom.