Geschiedenis spoorwegen
in en om
Roosendaal

 
Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, door middel van kopie, op digitale of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van auteur en/of webmaster.
 

Per tram van de Vaartkant naar Princenhage (Haagse Markt)

 
Dit verslag is bedoeld om in woord en beeld enig inzicht te geven, hoe en waar de tram van de Zuid-Nederlandsche Stoomtramweg-Maatschappij (ZNSM) reed, op weg van de Vaartkant (ten zuiden van Leur) naar Princenhage.
 
 

Het kruispunt bij de Vaartkant

 
 
Buiten de bebouwde kom van Etten en volgde je destijds de Rijksweg, die in de jaren 1825-1830 was aangelegd met aan weerszijden al oude en volop schaduwgevende eikenbomen. Een topografische kaart uit circa 1925 laat een dikker aangezette Rijksweg tussen Breda en Etten zien met een stoomtram (aangegeven met blokjes in het tracé en het woord 'stoomtram'). Het kruispunt bij km 8,65 is dat aan de Vaartkant, van waaruit tot circa 1925 een paardentram van de ZNSM naar en van Leur reed.
 
 
Waar de Rijksweg de (Hoge) en (Lage) Vaartkant kruiste, lag een wisselplaats voor de stoomtram. Het wissel aan de westzijde gaf aansluiting op de paardentram naar en van Leur. Hoogstwaarschijnlijk stond de paardentram steeds te wachten ter hoogte van het café 'Lage Vaartkant'. Alleen dan bleef immers een kruising van twee stoomtrams mogelijk op de wisselplaats. Het wissel was overigens alleen noodzakelijk voor het doorgaande goederenvervoer naar en van (de haven in) Leur.
 
 
Gezicht op de kruising Rijksweg en (Lage) Vaartkant met het café 'Lage Vaartkant' op de noordoostelijke hoek. Om het passeren van een tram naar en van Leur mogelijk te maken, had het café een afgeschuinde hoek. In vroeger jaren werd deze zaak bestierd door Wilhelmus Oonincx, gehuwd met Cornelia Zagers. Een dochter van hen huwde in 1898 met Petrus Franken, die vanaf 1901 aan de Liesboschlaan 172 het café 'De Drie Linden' uitbaatte. Foto C.Th. Lohmann, 29 oktober 1965.
 
 
Gezicht op de kruising Rijksweg en (Lage) Vaartkant met het cafeetje op de noordwestelijke hoek. De deur in de afgeschuinde hoek had overigens niets te maken met de tram. Wel wordt er reclame gemaakt voor het brood en banket van J. Knobel. Een bord achter de heg wijst naar 'Huize St. Antonius' in Leur, sanatorium voor zenuwzieken. Voor (brom-)fietsers was al eerder een aparte strook aangelegd. Het wachten was toen op de algehele verbreding van de Rijksweg. Foto C.Th. Lohmann, 1 oktober 1963.
 
 
Gezicht op de kruising Rijksweg en (Hoge) Vaartkant met verschillende arbeidershuisjes. Ervoor, aan de zuidzijde van de Rijksweg en binnen de inmiddels al gekapte bomenrij, lag destijds de tramweg van de ZNSM. Foto C.Th. Lohmann, 21 april 1963.
 
 

Van de Vaartkant naar het Liesbosch

 
Noot: In de onderstaande tekst is steeds het woord 'Liesbosch' gebruikt, ondanks het fet dat in latere jaren steeds 'Liesbos' wordt gescheven. Zo ook is steeds 'Liesboschlaan' gebruikt, in plaats van Oude Liesbos(ch)laan en Liesbos(ch)laan.
 
 
Gezicht op de inmiddels met drie rijstroken uitgevoerde Rijksweg tussen Breda en Etten, ter hoogte van de Bremberg met in de verte (juist links van de stilstaande vrachtwagen) het kruispunt aan de Vaartkant met het gelijknamige café, en dat op een doordeweekse dag. De tramweg van de ZNSM lag vroeger aan de zuidzijde van de weg (links op de foto).
De huizen staan op de nominatie voor sloop in verband met de algehele verbreding van de Rijksweg tussen Breda en Etten tot twee maal twee rijstroken met een middenberm en vluchtstroken. Het gedeelte tussen Etten en Roosendaal zou pas na 1974 volgen.
Foto C.Th. Lohmann,
22 september 1965.
 
 
Gezicht op de inmiddels met drie rijstroken uitgevoerde Rijksweg tussen Breda en Etten, ter hoogte van de Bremberg met op de achtergrond het Liesbosch, en dat op een zondag. De tramweg van de ZNSM lag vroeger aan de zuidzijde van de weg (rechts op de foto). Foto C.Th. Lohmann, 9 oktober 1963.
 
 
Een bewerkte plattegrond van 'Het Liesbosch' uit de 'Gids voor de Baronie van Breda en Omstreken' uit 1905. Ingetekend zijn enkele toeristische trekpleisters en andere voorzieningen, waaraan de ZNSM een deel van haar klanten te danken had. De tram reed sinds 1890 aan de zuidzijde van 'Het Liesbosch', maar al eerder was er aan de noordzijde van het Liesbosch een spoorweghalte tot stand gekomen.
 
 
Op de noordwestelijke hoek van de Moerdijkse Postbaan en de Rijksweg stond het hotel, café, restaurant 'Huis ten Bosch'. Maar in vroegere tijden heette dat pension 'Huis ten Bosch', want het eigenlijke hotel 'Huis ten Bosch' stond wat verderop aan de andere kant van weg, in de richting Breda.
Voor de verbreding van de Rijksweg werd het vroegere pension in januari 1967 gesloopt. In 1966 was het etablissement echter nog in vol bedrijf, zij het dat het werd omringd door auto's, zowel rijdend als geparkeerd. Foto C.Th. Lohmann, 1 mei 1966.
 
 
Rond 1900 was het latere pension 'Huis ten Bosch' echter niet meer dan een boerderij met café, waar je ook de mogelijkheid had om iets te drinken in de aangebouwde serre. Ook voor de paarden van de reizigers werd gezorgd, getuige de twee voerkribben voor het huis. Foto BR02077-81292, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1900.
 
 
Nog geen twee decennia later was de boerderij gesneuveld en had plaats gemaakt voor het pension 'Huis ten Bosch'. Alleen de schuur bleef overeind. Links, juist buiten beeld, lag de tramweg van de ZNSM met wisselplaats. Overigens werd deze plek niet als 'Huis ten Bosch' in de dienstregeling van de ZNSM opgevoerd, maar als 'Liesbosch'. Ansichtkaart uit circa 1920.
 
 
Locomotief ZNSM 7 passeert met een korte 'sneltram' naar Breda de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch', gelegen langs de Rijksweg, aan de westzijde van het Liesbosch en ter hoogte van de 'Moerdijksche Postbaan'. Foto B.J. Dijkman, 15 mei 1932.
 
 
Locomotief ZNSM ? passeert met een lange tram naar Etten, Oudenbosch, Oud Gastel, Kruisland en Steenbergen de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch'. Foto B.J. Dijkman, 15 mei 1932.
 
 
Locomotief ZNSM ? stopt met een tram naar Breda op de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch'. Vader 'kiekt' kort voor het vertrek zijn zoontje op de treeplank van het laatste rijtuig. Foto uit circa 1930.
 
 
Rond 1915 terugkijkend vanaf een paar honderd meter verderop, staat links het hotel, café en restaurant 'Huis ten Bosch' en rechts in de verte de boerderij met café, dat later tot het pension 'Huis ten Bosch' zou uitgroeien. De tramweg van de ZNSM lag aan de zuid-zijde van de Rijksweg (links op de foto). De wisselplaats van de ZNSM lag juist voorbij de bocht in de Rijksweg links van de weg en kruiste op die plek de Moerdijkse Postbaan. Ansichtkaart uit circa 1915.
 
Het op de foto zichtbare gedeelte van het complex dateerde al uit de jaren 1840-1850, toen het uitgroeide vanuit een café langs de Rijksweg naar een hotel en pension aan de rand van het Liesbosch. In 1904 vond via de pastoor van Princenhage een overdracht plaats aan zusters Benedictinessen van het Heilig Sacrament te Rouen (Frankrijk). Zij dreigden hun vaderland te moeten verlaten, vandaar dat er meteen een hoge vleugel aan de oostzijde van het complex werd gebouwd. Een woning voor de rector volgde aan de westzijde. Uiteindelijk ging dit plan toch niet door en kwam het complex in 1912 in huur (en in 1918 in eigendom) bij de congregatie van het 'Heilig Hart van Jezus' (SCJ), die hierin een seminarie vestigden.
 
 
Gezicht vanuit het westen op het 'Groot-Seminarie Liesbosch' van de congregatie 'Heilig Hart van Jezus' (SCJ). Links staan het huis van de rector (het hoge stuk, dwars op het hoofdgebouw) en de hoge vleugel uit de jaren 1904-1910. Rechts maakt het vroegere hotel, café en restaurant 'Huis ten Bosch' deel uit van het complex. In 1933 verrees op deze plaats een nieuwbouw. De tramweg van de ZNSM lag aan de zuidzijde van de Rijksweg, pal voor het gebouw langs.
Een eindje achter de fotograaf lag het pension 'Huis ten Bosch' met daartegenover de wisselplaats van de ZNSM. Dat was ook de in- en uitstapplaats voor de studenten, wanneer zij op of na verlof naar en van het spoorwegstation in Breda de tram moesten pakken.
Foto BR02083-81298, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1925.
 
 
Gezicht vanuit het noordoosten op het 'Groot-Seminarie Liesbosch' van de congregatie 'Heilig Hart van Jezus' (SCJ). Links staat de in 1921 tot stand gekomen vleugel 'Groenendaal' en rechts de woning van de (vroegere) rector. De tramweg van de ZNSM lag aan de zuidzijde van de Rijksweg, pal voor het gebouw langs.
Foto BR02074-81289, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1925.
 
 
Na de Tweede Wereldoorlog werd de weg voorlangs het gebouw in fasen steeds breder. Links staan het huis van de rector (het hoge stuk, dwars op het hoofdgebouw) en de hoge vleugel uit de jaren 1904-1910. Rechts is de nieuwbouw uit 1933 te zien. In 1970 sloot het seminarie haar deuren en nam de in de bejaardenzorg werkzame 'Congregatie der Kleine Zusters van de H. Joseph' te Heerlen het gebouwencomplex over. Van de oude Rijksweg met eikenbomen en een stuk Liesbosch is echter op deze plek niets meer over. Foto G.J. Dukker, 344608, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, augustus 2002.
 
 
Even verderop, kort voor de bocht in de Rijksweg in noordoostelijke richting, staat nog steeds de 'Pastoor van Arskerk', een staaltje nieuwbouw uit 1929-1930 dat inmiddels op de Rijksmonumentenlijst geplaatst. Het gebouw is nu al wat jaren in gebruik als winkel. Sinds enkele decennia ligt er een veel bredere Rijksweg pal voor de deur, zodat de kerk alleen is te bereiken via een parallelweg. De foto is gemaakt op 12 augustus 2021.
 
Jean-Baptiste Marie Vianney of Johannes Maria Vianney (* 8 mei 1786 te Dardilly (bij Lyon), + 4 augustus 1859 te Ars-sur-Formans) is een rooms-katholieke heilige. Tot aan zijn dood was hij 41 jaar lang priester in de parochie van het dorpje Ars-sur-Formans, zodat hij ook bekend staat als de 'Pastoor van Ars'.
 
 
In de jaren vijftig terugkijkend vanuit de bocht in noordoostelijke richting lag de kerk (met pastorie links ervan) pal aan de Rijksweg en was deze gewoon vanaf deze weg te bereiken. De tramweg van de ZNSM lag voorheen aan de zuidzijde van de weg (links op de ansichtkaart, maar wel voor de twee hoge bomen langs). Ansichtkaart uit circa 1960.
 
 
Sinds enkele decennia is de Rijksweg (nu A 58) meer naar het zuiden omgelegd, zodat het oude tracé nu als Liesboschlaan de rust uitstraalt van weleer. Overigens staan alleen aan de zuidzijde (rechts) nog de oude bomen van weleer; die aan de andere zijde moesten destijds het veld ruimen voor een eerste verbreding van de toenmalige Rijksweg. De tramweg van de ZNSM lag voorheen aan de zuidzijde aan de weg (rechts op de foto). De foto is gemaakt op 12 augustus 2021.
 
 

Het 'Hotel Liesbosch'

 
 
Een paar honderd meter voor de bocht naar rechts in de richting van Princenhage lag tot de verwoesting door een V1-bom in 1945 het hotel, café en restaurant 'Liesbosch' (rechts buiten beeld). In de beste jaren van de tram, circa 1895-1920, reden er naast de stoomtrams op zon- en feestdagen in de zomermaanden zelfs aparte paardentrams tussen de 'Groote Markt' in Breda en het 'Hotel Liesbosch'.
Op de ansichtkaart uit circa 1915 lijkt het of een paardentram na aankomst vóór het hotel even op een zijspoortje terecht kon om een passerende stoomtram ruimte te geven. Maar verder zijn er van dit zijspoortje geen duidelijke foto's of ansichtkaarten bekend. Ansichtkaart uit circa 1910.
 
 
Slechts een advertentie op 25 oktober 1919 in 'De Grondwet', een in Roosendaal verschijnende krant, geeft aanwijzingen dat er ook daadwerkelijk een wissel heeft gelegen. Opvallend is echter dat er na 1919 geen paardentrams meer hebben gereden.
 
 
Het 'Hotel Liesbosch' van de familie Burck stond aan de zuidzijde van de aloude Rijksweg (nu Liesboschlaan) en werd geopend in de zomer van 1891. Het werd snel een geliefde pleisterplaats voor welgestelde Bredanaars op zon- en feestdagen, zelfs zodanig dat er later op zon- en feestdagen extra (paarden-)trams werden ingelegd vanaf de 'Groote Markt' in Breda. Dat gebeurde dan tussen de normale dienst met stoomtrams. Op de luifel (achter de struik) staat een bord met 'Halt van den Stoomtram'. Later werd dat 'Halte der Trammen'. Het gebouw oogt nog als nieuw. Op de voorgrond staan twee heren en op de achtergrond (verscholen naast de deur) twee dames. Op het bord naast deze deur staat 'De Nederlanden 1845'. Foto uit circa 1895, collectie firma Schreurs (v/h Stutz), Stadsarchief Breda.
 
 
Advertentie in de Bredasche Courant van 12 mei 1905. Vijfmaal reed er toen op elke zondag in mei (en waarschijnlijk ook nog de hele zomer) een paardentram naar en van het 'Hotel Liesbosch'. De prijs van een enkele rit was 10 cent.
 
 
Advertentie in de Bredasche Courant van 17 mei 1919. Vijfmaal reed er toen op elke zondag in mei (en waarschijnlijk ook nog de hele zomer) een paardentram naar en van het 'Hotel Liesbosch'. De prijs van een enkele rit was tien cent. Overigens behoorden de jaren vóór de Eerste Wereldoorlog (1895 t/m 1914) tot de beste van de paardentram naar en van het Liesbosch. De dienstregeling gaf in de tijd van 1 juni (soms ook pas vanaf 15 juni) tot 1 september steeds meer reismogelijkheden, namelijk zevenmaal in 1894, zesmaal in 1898, achtmaal in 1906 en negenmaal in 1910.
 
 
Links op de voorgrond ligt de tramweg van de ZNSM. De bezoeker kon vanuit de tram eigenlijk meteen op het terras plaatsnemen. Het bord 'Halt van den Stoomtram' is al vervangen door 'Halte der Trammen'. Stopten hier eerst alleen stoomtrams, vanaf 1894 tot 1920 was dit ook het eindpunt van extra ingelegde paardentrams vanuit Princenhage.
Foto uit circa 1900, collectie Stadsarchief Breda.
 
 
Het hotel was een initiatief van Gerrit Hendrik Burck. Aanvankelijk stond er alleen de naam 'Hotel Liesbosch' op de voorgevel, maar na zijn overlijden in 1904 werd dat vervangen door 'Hotel Burck' op de voorgevel. Waar vroeger de woorden 'Hotel' en 'Liesbosch' stonden, werd later gewijzigd in 'Hotel' en 'Pension'. De bescheiden overkapping aan de straatzijde werd toen ook vervangen door een serre met veel glas over de volle lengte van de gevel en daarop nog de aanduiding 'Hotel Burck'.
Foto uit circa 1910, collectie Stadsarchief Breda.
 
 
Een groothoekopname uit circa 1910 toont de hele situatie rond hotel en voorliggende Rijksweg van Breda via Etten, Roosendaal, Wouw en Bergen op Zoom naar het Tholensche Veer. Op de achtergrond ligt het café 'De Drie Linden'.
 
Gerrit Hendrik Burck, geboren op 23 augustus 1836 te Delft, vestigde zich als tuinman op 12 maart 1864 vanuit Kralingen (Rotterdam) in Princenhage. Op 2 maart 1867 vertrok de jongeman naar Roosendaal en later nog naar Gilze, waar hij zijn bijna acht jaar jongere echtgenote Wilhelmina Maria Mandersloot leerde kennen. Het stel huwde op 14 mei 1868 te Princenhage. Op 11 juni 1870 vestigden zij zich als winkelier in Ginneken, samen met hun dochter Petronella Cornelia (geboren op 5 september 1869 te Gilze). In Ginneken werd het gezin uitgebreid met een meisje (Catharina Wilhelmina, op 28 januari 1871) en een jongen (Gerrit, op 22 januari 1874).
 
Eenmaal toen de kinderen wat groter waren, kocht vader samen met een geldschieter op 20 oktober 1890 in het Liesbosch een stuk bouwland met de bedoeling daarop een luxe hotel-café-restaurant te laten bouwen. Medio 1891 werd die zaak onder de naam 'Hotel Liesbosch' geopend.
 
 
Een foto uit de beginjaren van het hotel. Het gezelschap op de voorgrond is de familie Bijnen, wonend in het huis 'Snellen' aan de Catharinastraat 16 in Breda. Waarschijnlijk heeft de familie een paard en rijtuig met koetsier gehuurd bij een plaatselijke stalhouder, een in die tijd gebruikelijke gang van zaken bij menig rijke Bredanaar op zondagen met goed weer.
Foto, collectie firma Schreurs (v/h Stutz), Stadsarchief Breda, circa 1895.
 
 
Na het overlijden van Gerrit Hendrik Burck op 29 september 1904 zette zijn zoon Gerrit, samen met zijn moeder, de zaak op de oude voet voort. Moeder Wilhelmina Maria Mandersloot overleed op 2 augustus 1911 en haar zoon Gerrit volgde op 11 oktober 1915.
Vervolgens kwam het in hoog aanzien staande horecabedrijf in handen van de nog ongehuwde dochter Petronella Cornelia Burck en haar man Jan Willem van Rennes. Advertenties in Bredasche Courant van 5 oktober 1904 en 4 augustus 1911.
 
 
Petronella huwde op 25 april 1918 te Princenhage met Jan Willem van Rennes. Twintig jaar lang zou het beheer van het bedrijf ongewijzigd blijven, al stierf Van Rennes al op 21 juli 1930 te Breda. Na het overlijden van Petronella Cornelia Burck op 24 oktober 1936 te Breda bleef alleen haar zus Catharina Wilhelmina over, maar over haar rol in het bedrijf is niets bekend. Het bedrijf werd overigens voortgezet. Advertenties in Bredasche Courant van 12 oktober 1915 (links) en De Grondwet van 12 juni 1926 (rechts).
 
 
Het hotelgebouw in het mooie buitengebied had een chique interieur, dat in de eerste decennia van de twintigste eeuw ongetwijfeld aansloeg bij de gegoede burgerij van Breda.
 
 
Of Catharina (Cato) Wilhelmina Burck, de laatst overgebleven nazaat van Gerrit Hendrik Burck, na het overlijden op 24 oktober 1936 van haar zus Petronella Cornelia Burck nog een rol had in de zaak, is onbekend.
Voor enkele gegevens en foto's is gebruik gemaakt van het boekwerk 'Rondje Liesbos', deel III, van de hand van Kees van Endschot, uitgegeven in 2015. Met dank.
 
 

De laatste jaren van de stoomtram

 
 
Locomotief ZNSM 5 passeert met een tram in de richting Etten het 'Hotel Burck'. De tram bestaat uit slechts een bagagewagen uit de serie C 57 - C 60 en een comfortabel reizigersrijtuig uit de serie AB 2 - AB 7 (AB = 1e en 2e klasse). Foto W.D.J. Cramer, 28 april 1933.
Hoogstwaarschijnlijk is dit één van de trams die in de zomermaanden werden ingelegd voor de bezoekers van het 'Hotel Burck'. Na de stop bij het hotel reed de tram door naar de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch' om 'kop te maken' en dan de terugrit te aanvaarden.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 17 mei 1923. De Pinksterdagen waren bij uitstek de gelegenheid voor een eerste uitstapje naar het mooie Liesbosch met bezoek aan het 'Hotel Burck'.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 28 mei 1924. De Pinksterdagen waren bij uitstek de gelegenheid voor een eerste uitstapje naar het mooie Liesbosch met bezoek aan het 'Hotel Burck'. Maar ook Antwerpen deed al mee met een 'sneltram' naar en van het 'Klapdorp', waar je kon overstappen op de stadstram of naar het centrum kon wandelen.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 31 mei 1924. Het 'Hotel Burck' zette op de Pinksterdagen haar beste beentje voor om klanten te verleiden voor een uitgebreid diner (met concert). De hogere burgerij van Breda was welkom.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 6 juni 1924. Het 'Hotel Burck' zette op de Pinksterdagen haar beste beentje voor om klanten te verleiden voor een uitgebreid diner (met concert). De hogere burgerij van Breda was welkom.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 5 juni 1925. Hoogstwaarschijnlijk reden er na 1919 al geen paardentrams meer. In 1925 kon je dan ook in 25 minuten tijd vanaf het spoorwegstation Breda met de stoomtram naar het 'Hotel Burck' in het Liesbosch reizen. En dat veertien maal op Pinksterzondagen. Kon voordien de paardentram meteen na aankomst al terugkeren naar de stad, de stoomtram moest eerst nog 'kopmaken' op de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch'.
 
 
Advertentie in Bredasche Courant van 14 mei 1932. In 25 minuten tijd kon je vanaf het spoorwegstation naar het 'Hotel Burck' in het Liesbosch. En dat twaalf maal op Pinksterzondagen. Overigens was het 'Hotel Burck' in de winter vrijwel altijd gesloten. Pas in maart ging de zaak bij mooi weer open.
 
 
Locomotief ZNSM ? staat bij de halte 'Hotel Burck' met een tram gereed voor vertrek naar Princenhage en Breda. Waarschijnlijk is dit ook één van de trams die in de zomermaanden werden ingelegd voor de bezoekers van het Liesbosch en het 'Hotel Burck'. Na de stop bij het hotel had de tram 'kop gemaakt' op de wisselplaats bij het pension 'Huis ten Bosch'.
De conducteur wacht met het fluitje in zijn mond nog even op de fotograaf tot die zijn plaatje heeft gemaakt en ook zal instappen. Het schouwspel wordt gevolgd door twee jongens. De machinist en de stoker wachten op de locomotief het sein voor vertrek af.
Foto J.J. Overwater, 15 augustus 1933.
 
Het jaar 1933 was het laatste jaar van de exploitatie van een zomerdienst per tram van Breda naar het Liesbosch. De ZNSM zat al enkele jaren in de rode cijfers en was bezig met een samenwerking met andere tramwegmaatschappijen in Noord-Brabant. Daaruit kwam in 1934 de 'N.V. Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten' (BBA) voort, die de trams al meteen aan de kant zette. Voor de rijke Bredanaars had de tram overigens al wat langer afgedaan. Zij maakten per auto uitstapjes veel verder het land in of zelfs naar het buitenland.
 
 
De uitstraling van het 'Hotel Burck' aan de voorzijde veranderde nog al eens in de loop der tijd. De glazen serre maakte in de jaren twintig plaats voor een open overkapping met markiezen. Vermoedelijk is ter afscheiding van het steeds meer lawaai opleverend autoverkeer op straat een heg geplaatst.
 
 
In de jaren dertig stond er pal voor het hotel een benzinepomp van Caltex. Het is een eerste aanduiding van het gebruik van auto's door de klanten. Het 'Hotel Liesbosch' was inmiddels aan de laatste jaren van het bestaan bezig. Want in die crisisjaren was het droevig gesteld met de aanloop van gasten. Na de dood van Jan Willem van Van Rennes volgde de ene na de andere uitbater. Of de enige overgebleven Burck (Catharina Wilhelmina Burck) nog een rol speelde, is onbekend. Wel veranderde het gebouw nog al eens van eigenaar. In de oorlogsjaren werd het gebouw gevorderd door de Deutsche Wehrmacht. Officieren gingen het gebouw in en uit. Na de bevrijding van de Breda en omgeving volgde de 'Binnenlandse Strijdkrachten', totdat op 10 maart 1945 het gebouw totaal werd verwoest door de inslag van een V1-bom. Hierbij vielen één dode, zes zwaar- en vijftien lichtgewonden. Pas in 1952 werd het puin opgeruimd en kwam er een landhuis op deze plek tot stand.
 
 

Verder met de tram naar Princenhage

 
 
Staand voor het 'Hotel Liesbosch', later 'Hotel Burck' zag je in noordoostelijke richting in de verte het café 'De Drie Linden' liggen. Ansichtkaart uit circa 1915.
 
 
Gezicht vanuit het oosten op het café 'De Drie Linden' bij het kruispunt van de Rijksweg (nu Liesboschlaan) met de Drielindendreef. Links ligt de tramweg van de ZNSM. Onder de dakgoot staat 'Hier waarschuwt men voor den tram' en 'De Drie Linden'. Het pand werd gebouwd in 1901 in opdracht van de familie Petrus (Peer) Franken (1874-1947) en Cornelia (Kee) Ooninckx (1878-1947) op het adres Liesboschlaan 172. Ansichtkaart uit circa 1915.
 
 
Het onroerend goed van 'Peer' Franken kreeg in 1907 een uitbreiding met een houten schuur. In 1921 kwam er een serre bij het café.
 
 
In 1925 werd het café 'De Drie Linden' van de familie P. Franken-Ooninx, naast het kruispunt van de Rijksweg (thans Liesboschlaan) met de Drielindendreef, herbouwd. Rechts ligt de tramweg van de ZNSM. Een paard en wagen, een ijscokarretje en een vrachtauto zijn naast de stoomtram de gebruikers van de weg. Ansichtkaart uit circa 1930.
 
 
In latere jaren stond het café 'De Drie Linden' in de volksmond steeds bekend als dat van 'Peerke Franken', naar de naam van de vroegere eigenaar. Ruim veertig jaar na zijn dood volgde echter in 1989 sluiting en kort daarop sloop van het hele pand.
Pas in 1999 volgde de bouw van eetcafé 'De Peer' naar de naam van de vroegere eigenaar. Op de voorgrond lag in vroegere jaren de tramweg van de ZNSM. Foto van 20 december 1960, collectie Stadsarchief Breda.
 
 
De Liesboschlaan kende en kent nog fraaie huizen, zowel vrijstaand op grote bouwkavels als twee of meer onder één kap. Juist voorbij de bocht in de Liesboschlaan en voorbij het vroegere café 'De Drie Linden' (met als opvolger het restaurant 'De Peer') staat nog steeds het in 1929 gebouwde complex 'driekapwoningen' (Liesboschlaan 158, 160 en 162) en vervolgens de panden op de nummers 156 (Helianthus) en 154 (De Varen). Rechts ligt de tramweg van de ZNSM. Ansichtkaart uit circa 1935.
 
 
Pal ertegenover werden op 27 februari 2004 twee fraaie villa's (Liesboschlaan 205 'Die Haghe', eerder 'Maria', en 207 'Anna', eerder 'Antoinette') door persfotograaf Johan van Gurp voor het nageslacht vastgelegd. Later in de 21ste eeuw moest verderop een flink aantal fraaie huizen plaats maken voor het zich steeds maar uitbreidende verkeersknooppunt 'Princeville' en de aanleg van de 'Hoge Snelheids Lijn' (HSL). Rechts, pal voor de huizen, lag vroeger de tramweg van de ZNSM.
 
 
Het hotel-café-restaurant 'Princeville' op Liesboschlaan 57 stond tot in de verre regio bekend als ontmoetingspunt voor zakelijke aangelegenheden en bijeenkomsten van allerlei aard. Rond 2005, na de aanleg van het nieuwe verkeersknooppunt met een Hoge-Snelheids-Lijn voor de Thalys in de buurt, werd 'Princeville' slecht bereikbaar voor zakelijke reizigers en kon het wel sluiten. Het gebouw bleef echter wel bestaan.
 
Overigens werd het pand als 'Villa Palmyral' in 1908 gebouwd in opdracht van J.F. van Horsigh (1854-1931) uit Zandhoven (B). De tweede eigenaar was Adrianus Dirven. Hij verkocht het pand in 1951 aan Albertus Coumans, die het omzette in een restaurant.
 
 
Ongeveer halverwege de voormalige horecagelegenheden 'Princeville' en 'Bellevue' stond in vroeger jaren nog het café 'Lindenhof' (Liesboschlaan 30 en 32, waar de tram op verzoek stopte. Het pand stond met de lange zijgevel langs de Rijksweg en ontstond al in de zeventiende eeuw. In de loop der jaren had het verschillende namen, zoals 'Het Spreeuwken', ''t Ploegje' en in de jaren van de tram heette het 'Lindenhof'. Het cafégedeelte lag aan de straatweg. Daarachter kon je in vroeger jaren overnachten, maar later was dat deel verbouwd tot woningen. Let op de grote boom die dwars door het dak van de veranda is gegroeid. De mensen bij de gevel aan de weg staan te wachten op de tram. Slechts vaag zijn de rails op de voorgrond te zien. Voor enkele gegevens en illustratie is gebruik gemaakt van het boekwerk 'Rondje Liesbos', deel I, van de hand van Kees van Endschot. Met dank.
 
 
De kadastrale kaart van Princenhage uit 1825 brengt de plaats van het café 't Ploegje goed in beeld. Het ligt aan de noordzijde van de weg vanuit Princenhage (ongeveer 500 meter in oostelijke richting, op de tekening rechts) via het Liesbosch naar Etten.
 
 
Gezicht vanuit het westen op het hotel, café en restaurant 'Bellevue' (links) en de stenen stellingmolen 'Vrede en Hoop' (later alleen 'Hoop' genoemd) met tien zolders uit 1902. Het was de hoogste stellingmolen van Nederland. Twee jaar later ontwierp architect J. Groenendaal nog een magazijn met kantoor, pal links van de molen. Rechts van de toenmalige Rijksweg, later Liesboschlaan, ligt de tramweg van de ZNSM. Foto 039596, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1915.
 
 
Gezicht op het hotel, café en restaurant 'Bellevue', één van de stopplaatsen voor de ZNSM. Op de voorgrond ligt de tramweg van de ZNSM. Het gebouw (nu Liesboschlaan 8) heeft tegenwoordig een bestemming als kinderopvang. Foto BR02081-81296, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1925.
 
 
Gezicht vanuit Princenhage op het hotel, café en restaurant 'Bellevue', één van de stopplaatsen voor de ZNSM. Links, aan de zuidzijde van de huidige Liesboschlaan, ligt de tramweg van de ZNSM. Het gebouw (nu Liesboschlaan 8) heeft tegenwoordig een bestemming als kinderopvang. Foto BR02081-81294, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, circa 1925.
 
 
Al in 1927 werden de wieken van de stellingmolen gehaald. Het malen van graan geschiedde voortaan op motorkracht. In de verte is de toren van de rooms-katholieke Heilige Martinuskerk van Princenhage te zien. Juist links van de bomen ligt de tramweg van de ZNSM. Foto uit circa 1930, collectie Stadsarchief Breda (GN19901848).
 
 
Vanaf de autoweg (A 16, Moerdijk - Antwerpen) had je in vroeger jaren ter hoogte van het hotel, café en restaurant 'Princeville' een mooi beeld op Princenhage met molen en kerk. De molen aan de huidige Liesboschlaan 35 werd in later jaren als reclamestandaard gebruikt, niet alleen voor het Bredase 'Skol', maar ook voor 'Kwatta'.
Foto L.M. Tangel, nr. 180455, Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed te Amersfoort, oktober 1976.
 
 
Gezicht op de Markt in Princenhage met links een kijkje in de Heilaarstraat. Geheel links is nog net de hoek te zien van het café 'Hof van Holland' in de Heilaarstraat, dat later 'De Blauwe Engel' heette en het adres Haagse Markt 15 had. Het huis op de hoek met de rijkversierde trapgevel stond op Haagse Markt 16. Rechts staat de nog steeds bestaande hardstenen waterpomp. Ertussen bevindt zich een tram met een span paarden en bestaande uit de open rijtuigen 8 en 9 voor de dienst op zomerdagen naar en van het 'Hotel Liesbosch'. De ZNSM bezat voor dit doel vier open en vijf gesloten paardentramrijtuigen.
Tussen de 'Groote Markt' in Breda en de Haagpoort liet de ZNSM in de zomer (van mei tot en met augustus) achttien maal per dag een tram rijden. De helft van deze trams reed door tot op de 'Haagsche Markt' in Princenhage. Hiervan er zes tot negen door naar het 'Hotel Liesbosch'.
Op de Haagse Markt (bij de pomp) lag ook het wissel voor de trams naar Rijsbergen, Zundert en Wernhout (grens). Ansichtkaart uit circa 1905.
 
 
Overigens is het huis Haagse Markt 16-16A de laatste jaren nog al veranderd qua kleur en uitstraling, links in 2016 en rechts in 2020.